Nieuws

Zevende staatshervorming | Persoverzicht

De verschillende overheden in ons land bereiden zich voor op de zevende staatshervorming. Wij verzamelen voor jullie artikels, opiniestukken en andere documenten over de nieuwe staatshervorming en de relevantie ervan voor het Brusselse kunstenveld.


De federale staat België bestaat momenteel uit:

  • Drie territoriale gewesten (Vlaanderen, Wallonië en Brussel) 
  • En drie taalkundige gemeenschappen (de Vlaamse, Franse en Duitstalige gemeenschappen).

Na de staatshervormingen vanaf 1970 werd kunsten- en cultuurbeleid een exclusieve bevoegdheid van de gemeenschappen.

Van 1970 tot 2014: 6 staatshervormingen

Tussen 1970 en 2014 werd België omgevormd tot een federale staat door middel van zes staatshervormingen. Voor een duidelijk en beknopt overzicht nemen we een en ander over van de samenvattingen die de websites van de Federale Overheidhet Vlaams parlement en de Vlaamse Gemeenschapscommissie bieden.

1970: Eerste staatshervorming

Meer info hier >>>

  • Oprichting van de drie cultuurgemeenschappen

Als antwoord op het streven van de Vlamingen naar culturele autonomie worden de Vlaamse, Franse en Duitstalige cultuurgemeenschappen opgericht. Ze kregen elk een eigen Cultuurraad, met nog erg beperkte bevoegdheden: hoofdzakelijk taal en cultuur. 

  • Nog geen gewesten

Daarnaast streefden de Franstaligen naar een zekere graad van economische autonomie: daarom werd de vorming van drie gewesten in het vooruitzicht gesteld. Maar over de precieze afbakening van de bevoegdheden en de geografische begrenzing ontstond geen akkoord. Uiteindelijk werden drie voorlopige gewestraden in het leven geroepen: een Vlaamse, een Waalse en een Brusselse. Ze konden alleen maar advies verlenen.

  • Wat met Brussel?

Voor het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad (de negentien gemeenten) werd in 1970 een agglomeratie opgericht, met twee organen: de beraadslagende Agglomeratieraad en het uitvoerende Agglomeratiecollege. 

Binnen de Brusselse agglomeratie werden twee cultuurcommissies in het leven geroepen: de Nederlandse Cultuurcommissie (NCC) en de Franse Cultuurcommissie (CCF). De cultuurcommissies kregen de bevoegdheid om op te treden als inrichtende macht voor cultuur en onderwijs.

1980: Tweede staatshervorming

Meer info hier >>>

  • Cultuurgemeenschappen worden gemeenschappen

De cultuurgemeenschappen van 1970 werden nu kortweg ‘gemeenschappen’. Hun bevoegdheden werden uitgebreid van cultuur naar de zogenaamde ‘persoonsgebonden aangelegenheden’, zoals gezondheidszorg en sociale bijstand. Die gemeenschappen kregen elk een parlement (de Vlaamse Raad, de Franse Gemeenschapsraad en de Duitstalige Gemeenschapsraad) en een regering (executieve). 

  • Oprichting van het Vlaamse en Waalse gewest

In 1980 werden ook twee gewesten opgericht: het Vlaamse en het Waalse gewest (Brussel zal nog moeten wachten tot 1988). De gewesten kregen eigen verantwoordelijkheden op het vlak van ‘plaatsgebonden aangelegenheden’, zoals leefmilieu, ruimtelijke ordening, tewerkstelling. De gewesten beschikten ook weer over een parlement (Vlaamse Gewestraad en Waalse Gewestraad) en een regering (executieve). 

Aan Vlaamse kant werden de gemeenschap en het gewest onmiddellijk samengevoegd tot één Vlaamse deelstaat, met één Vlaamse Raad en één Vlaamse Executieve. Aan Franstalige kant gebeurt dat niet, omdat de Franstalige Brusselaars een groot deel uitmaken van de Franstalige bevolking.

1988-1989: Derde staatshervorming

Meer info hier >>>

  • Brussels Hoofdstedelijk Gewest krijgt vorm

In 1989 werd Brussel-Hoofdstad ingrijpend hervormd tijdens de derde fase van de staatshervorming. Het krijgt ook (net zoals de andere twee gewesten) eigen instellingen en meer bepaald een raad, nu parlement genoemd, en een regering. 

De cultuurcommissies werden omgedoopt tot gemeenschapscommissies, die ook bevoegd werden voor de persoonsgebonden aangelegenheden welzijn en gezondheid. De Nederlandse Cultuurcommissie (NCC) werd op 14 juli 1989 opgevolgd door de Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC), de Franse Cultuurcommissie (CCF) door de Franse Gemeenschapscommissie (COCOF).

  • Uitbreiding bevoegdheden gemeenschappen en gewesten

De bevoegdheden van de gemeenschappen en gewesten werden met de derde staatshervorming van 1988 aanzienlijk uitgebreid. Zo krijgen de gemeenschappen onder meer het onderwijs toegewezen, terwijl de gewesten onder meer de bevoegdheid krijgen over vervoer en openbare werken.

1993: Vierde staatshervorming

Meer info hier >>>

Met de vierde staatshervorming in 1993 werd België een volwaardige federale staat. Vanaf toen luidt de eerste zin van de Belgische Grondwet: ‘België is een federale staat, samengesteld uit de gemeenschappen en de gewesten.’ 

De tweetalige provincie Brabant werd opgesplitst in Vlaams- en Waals-Brabant. De deelstaten kregen nog meer bevoegdheden en meer eigen geld. Voortaan werden de leden van de deelstaatparlementen ook rechtstreeks verkozen. In 1996 doopte de Vlaamse Raad zichzelf om tot Vlaams Parlement. 

2001: Vijfde staatshervorming

Meer info hier >>>

De vijfde staatshervorming werd ingeluid door twee akkoorden: het Lambermontakkoord en het Lombardakkoord.

  • Het Lambermontakkoord

Het Lambermontakkoord hevelde bepaalde bevoegdheden over naar de gewesten en gemeenschappen. Werden geregionaliseerd: gemeente- en provinciewet, landbouw, zeevisserij en buitenlandse handel. Ontwikkelingssamenwerking (voor de gewestelijke en gemeenschappelijke bevoegdheden), de controle op de verkiezingsuitgaven bij de verkiezing van het parlement en de aanvullende financiering van de politieke partijen werden naar de gemeenschappen en de gewesten overgeheveld. Verder werden de fiscale bevoegdheden van de gewesten uitgebreid en kwam er een extra dotatie van de federale overheid aan de Vlaamse en de Franse Gemeenschapscommissie.

  • Het Lombardakkoord

Het Lombardakkoord wijzigde de werking van de Brusselse instellingen. De zes Brusselse leden van het Vlaams Parlement worden sindsdien rechtstreeks verkozen. Het akkoord veranderde ook de zetelverdeling tussen beide taalgroepen in het Brussels Hoofdstedelijk Parlement. Ook had het Lombardakkoord invloed op de procedure om de belangrijkste gewestelijke ordonnanties over de ondergeschikte besturen aan te nemen: het veranderde de meerderheid van de stemmen die vereist is in elke taalgroep van het Brussels Hoofdstedelijk Parlement.

2012 - 2014: Zesde staatshervorming

Meer info hier >>>

De zesde en voorlopig laatste staatshervorming richting ‘Een efficiëntere federale staat en een grotere autonomie voor de deelstaten’, trad in werking op 1 juli 2014. Deze staatshervorming werd in twee delen gestemd.

  • Het eerste luik (juli 2012) gaat voornamelijk over de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde (BHV), zoals onder meer:
    • De hervorming van BHV op gerechtelijk vlak. Het arrondissement Brussel zal één van de 12 nieuwe gerechtelijke arrondissementen vormen die door de hervorming van justitie tot stand worden gebracht.
    • BHV werd gesplitst in een kieskring Vlaams-Brabant en een kieskring Brussel-Hoofdstad (19 gemeenten).
    • De oprichting van de hoofdstedelijke gemeenschap van Brussel.
  • Het tweede luik (begin 2014) regelde de overdracht van bevoegdheden naar de gewesten en de gemeenschappen en hervormde de bijzondere financieringswet. De Senaat werd hervormd en de rol van de Kamer werd versterkt.
    • Senaat werd grondig hervormd en is nu een Assemblee van de Deelstaten.
    • De Kamer van Volksvertegenwoordigers werd op haar beurt versterkt met meer controlebevoegdheden.
    • De bijzondere financieringswet regelt de financiering van de verschillende deelstaten van het land.
    • De hoofdbrok van de zesde staatshervorming is de overdracht van bevoegdheden van de federale staat naar de gemeenschappen en gewesten.

Zevende staatshervorming?

In de aanloop naar 2024 komt het debat over de volgende staatshervorming al een tijdje op gang. De federale meerderheidspartijen hebben onderling verschillende visies op welke richting de zevende staatshervorming moet nemen. Hoe hard die visies van elkaar verschillen mocht al blijken uit de uiteenlopende reacties toen minister van Binnenlandse Zaken Annelies Verlinden een 2+2-model voorstelde. Zoals Steven Van Garsse schrijft in Bruzz:

De PS zit op de lijn van een verdere regionalisering met vier deelstaten: Vlaanderen, Wallonië, Brussel en het Duitstalig gebied. CD&V is daar niet per se tegen, maar wil dat Vlaanderen ook nog onderwijs, welzijn en cultuur kan organiseren in zijn eigen hoofdstad. En de N-VA? Die wil onder geen beding de band met Brussel lossen, al ziet voorzitter Bart De Wever ook wel hoe de hoofdstad verder van Vlaanderen afdrijft.
- Steven Van Garsse, Bruzz

In De Standaard onderscheidt ook Petrus te Braak van onderzoeksgroep TOR grofweg twee posities:

"In de discussies over staatshervormingen komen twee modellen dominant terug: er is het N-VA-voorstel van de Brussel-keuze, waarbij Brusselaars de keuze krijgen tussen het Vlaamse en het Waalse stelsel voor persoonsgebonden zaken, en er is het voorstel van PS-voorzitter Paul Magnette waarbij Brussel een versterkt Gewest wordt zonder Vlaams of Waals zeggenschap. Op basis van onze data voelen Brusselaars zich vooral Brusselaars."
Petrus te Braak, onderzoeksgroep TOR

Daarnaast wijst Van Garsse er in Bruzz ook nog op dat het deze staatshervorming vooral om gezondheid en welzijn zal gaan. Een regionalisering van het cultuurbeleid is volgens hem nog lang niet aan de orde:

Dat het Nederlandstalige onderwijs en de Nederlandstalige cultuur in Brussel op de schop gaan, is in feite ondenkbaar. Vlaanderen investeert alleen al voor onderwijs een miljard euro in de hoofdstad. Het heeft een marktaandeel van 25 procent. Dat veeg je niet zomaar weg. En de Nederlandstalige culturele instellingen zijn niet weg te denken bakens in onze hoofdstad. Dus gaat het échte debat over gezondheid en welzijn.

Persoverzicht

Vind ons overzicht van Franstalige artikelen hier >>>

Artistieke & culturele sector Beleid